Celleke down under!!!

Singapore, Australia, New Zealand and Hong Kong in six months

22 février 2009

Nog is over naar Fremantle en dan eindelijk Nieuw Zeeland!

Hallo allemaal!

Jaja tijd om afscheid te nemen van Laure. We vertrokken allebei zaterdag 17 januari, elk naar onze respectievelijke bestemmingen. Voor Laure was dat Belgie, voor mij was dat Perth, Fremantle eigenlijk. Laure mocht mij nog is uitzwaaien zoals ze reeds 4 maanden eerder had gedaan daar ik een paar uur voor haar vertrok. Veel speciaals is er niet gebeurd op de luchthaven behalve dat ik Qantas meer dan 500 dollar heb afgeluisd :). Laure ging mijn gitaar meenemen en dat ging mij een pak geld kosten aan extra kilo's maar het madammetje heeft niks gezegd en het laatste dat ik ging doen is haar erop wijzen. Het heeft toch zo wel zijn voordelen 's nachts te vliegen want dan is de kassa voor bagage met overgewicht reeds gesloten!

Wat heb ik allemaal gedaan in Fremantle naast Sam bezoeken? Wel, niks eigenlijk, in elk geval niet veel. Ik heb veel gelezen voor Nieuw-Zeeland en wel vijf boeken ernaast verslonden. Nekeer naar 't strand, nekeer naar de zee. Pinguin Island bezocht, dat was zowat het enige dat ik nog niet gedaan had. Nog is afgesproken met Daniel die eindelijk heeft gekookt, dat beloofde hij al tijden. Marty en Katherine nog is teruggezien. Oh ja, en ik ben Pete tegen het lijf gelopen, de Koreaan waarmee ik heb gereisd helemaal in het begin van mijn reis van Darwin naar Adelaide door Alice Springs. De backpackerswereld is klein maar dat had ik reeds eerder ervaren.

Het weerzien met Sam was heel fijn en de twee weken die erop volgden ook. Hij moest wel werken deze keer dus ik had veel vrije tijd. Zie hierboven.

Zondag 1 februari was het dan richting Nieuw Zeeland. Naar goede gewoonte vertrok ik weer om middernacht in Perth. Eigenlijk vertrok mijn vlucht dus 2 februari.  Het scheelde niet veel of ik was bijna te laat met mijn check-in. Daarna was het wel vijf uur zitten in transit in Melbourne, echter geen Laure om de tijd mee te doden. Toch geen pretje zo midden in de nacht. Eindelijk eindelijk kwam ik dan toe in Christchuch. Hello New Zealand! Ik begrijp volledig waarom de Mauri, de eerste bewoners voor de Europeanen aankwamen, dit land doopte met de naam: the land of the long white cloud. Zeker als je kijkt vanuit het raampje van een vliegtuig. Een en al witte wolken en hier en daar zie je dan een stukje kust of stukken groen regenwoud of een piek met sneeuw die door de wolken steekt. Roept zoiets op van aldaar het beloode land!

Toegekomen in Christchurch boek ik mezelf in een allerliefst hostelletje, Women traveller's hostel, waar dus inderdaad alleen maar vrouwen binnen mogen. Dat geeft wel een aparte sfeer hoor. Het is tegen dan al bijna 17u dus ik besloot te douchen en mezelf op een restaurantje te trakteren. Nu ben ik nog nooit alleen op restaurant geweest en dat was wel een ervaring. Ik heb een hele discussie gehad met de ober over wijn en ik heb het een en ander geproefd. Ik heb heel lekker gegeten en ben een beetje tipsy buitengewandeld. Gelukkig was het allemaal nogal goedkoop.

De komende dagen heb ik Christchurch en omgeving bezocht. De grootste stad op het Zuidelijke Eiland, om en bij de 350'000 inwoners met een heel mooi (kleine) kathedraal. De Grote Markt is heel gezellig en er is altijd wel iets te doen. En ook de museums en het kunstgedeelte in de stad zijn de moeite waard. Christchurch staat bekend als de Garden City dus de botanische tuinen zijn ook de moeite waard. Elke avond houden ze er bovendien openluchtvoorstellingen. Aan de kust, die is hier nooit veraf, is er een heel mooie landtong.
Meer dan genoeg om je bezig te houden dus. Tussendoor hield ik me ook bezig met de praktische kant van hoe-ga-ik-hier-rondreizen en was ik ook wel in een beetje een melancholische bui. Het was wel even wennen om weer alleen te reizen. Maar wie mij goed kent weet dat die gemoedstoestanden gelukkig niet lang duren.

Oh ja, 6 februari was het de nationale feestdag van Nieuw-Zeeland. Ik heb toch nogal geluk hoor. Eerst mag ik die van Australie bijwonen en dan kort erna die van NZ. Dat was een fijne dag met als afsluiter openluchtconcert in de botanische tuinen en spetterend vuurwerk!

Zondag 8 februari neem ik de trein naar Arhtur's Pass. Nu is de trein zelf, the Tranzalpine Train, een van de bekendste treinritten ter wereld dwars door de bergen naar de andere kant van het eiland. De rit is inderdaad zeer de moeite waard en ik ben wel constant buiten op het platform de natuur te bewonderen langs een nogal slingerende weg en veel tunnels. In plaats van door te reizen naar de andere kant stap ik er in het midden uit, in Arthur's Pass, en ga ik een hele dag wandelen in de bergen. Allemaal heel de moeite waard maar ik heb dan ook eenmaal een voorliefde voor bergen.

Dinsdag 10 februari vertrek ik dan eindelijk om de rest van NZ te bezoeken. Ik heb een soort van hop-on hop-off bus geboekt. Ik ga hier dus is echt de toerist uithangen, vind ik wel leuk. Zelf heb ik de dag ervoor nog een flink postpakket naar huis gestuurd om toch maar zo licht mogelijk te reizen. Ik ga namelijk bijna constant op weg zijn. Ik reis eerst de oostkust op naar het noorden waarna ik dan afbuig terug naar beneden maar dan via de westkust tot Queenstown. Daarna doe ik het zuidelijkste van het Zuideneiland en ga ik ook het derde eiland bezoeken, Steward Island. Jaja, NZ telt geen twee maar drie eilanden! Terug ik Queenstown is het in een ruk terug naar Christchurch en dan door naar Wellington. Dat bevindt zich vanonder in het Noordeneiland. Tegen 1 maart zou ik daar moeten zijn want tegen dan komt ook Sam toe. Maar dat is nog allemaal ver weg voor nu.

Het is die dag richting Kaikoura, een mooi dorpje langs de kust dat bekend staat om zijn activiteiten als zwemmen met dolfijnen of zeehonden, walvissen bekijken,... Het is namelijk zo dat 90 meter van de kust de grond opeens een val doet van een paar kilometer. Daarnaast botsen er de koude en warme stroming tegen elkaar wat een heleboel aan plankton en andere voedingstoffen naar boven brengt. Een ideale plek dus voor allerlei leven uit de diepe oceaan. Zelf wou ik gaan zwemmen met de zeehonden maar het was nogal ruw weer dus werd dat afgelast en werd het zwemmen met dolfijnen. Jongens toch, dat was zooooooo cool! Met knal wilde dolfijnen gaan zwemmen en ze waren overal! Gewoon varen totdat je ze vindt en er dan maar bijspringen!
Die avond ben ik ook nog naar de cinema gegaan, zo'n innieminnie waar ze maar een film per dag draaien. Het werd James Bond voor mij en in het midden van de film viel het apparaat uit. Het heeft wel een kwartier geduurd voor ze het ding weer aan de praat kregen :).

Woendag 11 februari is het richting Nelson waar ik besluit om een paar dagen te blijven hangen want ze hebben er een fantastisch Nationaal Park vlakbij, Abel Tasman National Park. Nelson is zelf ook niet mis. Ik heb anders wel fameus pech met het weer want in de twee komende dagen dat ik in het park ben doet het niets dan regenen. De eerste dag heb ik een wandeling van 20km gedaan en het heeft niet een keer gestopt met regenen, nog niet voor een second. Na een uur waren mijn voeten al doorweekt. Gelukkig had ik een goed systeem om zelf en mijn rugzak zoveel mogelijk droog te houden. Een heleboel mensen die ik tegenkwam verloren gewoon de moed en namen een watertaxi terug naar de bewoonde kust of naar hun overnachtingshut verderop. Ik amuseerde mij best op mijn eentje en het had allemaal iets mystiek dankzij de mist en het feit dat er niet zoveel mensen rondliepen. Daarbij rook het er fantastisch. Ik ben wel van mijn tent terug gekomen op een hut, dat was toch wel iets aangenamer.
De dag erna was het weer een ietsie pietsie beter en ben ik de hele dag gaan kayaken. Nu kayaken op een oceaan is toch een stukje anders dan op een meer of een rivier, zeker met dat weer, amai mijn armen. Maar het was allemaal heel tof en ik zag eventjes wel blauw van de kou maar ik heb er niets aan overgehouden. De gedachte aan een goede hete douche op het einde van de dag geeft altijd moed. Terug in Nelson had ik de meest gekke Canadezen als roomies en we eindigden allemaal op het terras buiten met gitaar en mondharmonika liedjes te kwelen.

Zaterdag 14 februari was het weer op weg, de westkust geleidelijk afdalend. Ik heb Nelson Lake NP bezocht en ben de dag geeindigd in Westport waar een marathon aan de gang was. Ideaal dus om dat kleine stadje wat leven in te blazen op het moment dat ik passeerde. Alles erop en eraan met een grote tent een het hele dorp dat bij elkaar komt. De moment om wat wijnen uit te testen. Ik ben nog even de plaatselijke brouwerij gaan bezoeken waar ze een bier hadden op basis van groen varen! Het was niet eens zo slecht. Misschien was de eigenaar blij met interessante mensen of misschien was het onze vrouwelijk charme maar Mallory (nog een Canadeese die ik heb leren kennen) en ik kregen een fles gratis en voor niks. Nog geen idee wanneer ik die ga drinken.

Zondag 15 februari was het dan richting Hokitika. Maar eerst zijn we de zeehonden van Westport gaan bekijken en hebben we een mooie ochtendwandeling gedaan langs de kust. Later op de dag zijn we ook gestopt aan Punakaiki die wel een paar zeer bijzondere formaties hebben aan de kust. Ze noemen het de Pannenkoeken Rotsen wat een gepaste naam is. Wat moeder erosie allemaal niet bouwt!
De bus zelf reed door tot Lake Mahinapau, een beetje verder dan Hokitika. Zoals eerder gezegd vond ik Hokitika zelf interessant genoeg om er twee dagen voor uit te trekken maar daarover later meer.

Bye bye allemaal!

Posté par celleke à 08:13 - Commentaires [1] - Rétroliens [0] - Permalien [#]

Commentaires

Hallo

Alors choupette, tu nous reviens quand, ça me parait bien long... ;-)

Posté par Alynou, 24 février 2009 à 13:21

Poster un commentaire







Rétroliens

URL pour faire un rétrolien vers ce message :
http://www.canalblog.com/cf/fe/tb/?bid=507624&pid=12652460

Liens vers des weblogs qui référencent ce message :